Geef Nurofen voor Kinderen niet aan kinderen die:
ï‚· Allergisch zijn voor ibuprofen of voor andere soortgelijke pijnstillers (NSAID's) of voor
een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6.
ï‚· Ooit kortademigheid geweest zijn, astma, een lopende neus, gezwollen gezicht en/of
handen, of netelroos doorgemaakt hebben na gebruik van acetylsalicylzuur of andere
soortgelijke pijnstillers (NSAID's).
ï‚· Ooit een maagdarmbloeding of -perforatie vertoond hebben als gevolg van een
vroeger gebruik van NSAID's.
ï‚· Een terugkerende maag- of duodenumzweer (peptisch ulcus) of -bloeding hebben of
dat gehad hebben (twee of meer episoden van bewezen zweer of bloeding).
ï‚· Ernstig lever- of nierfalen hebben.
ï‚· Ernstig hartfalen hebben.
ï‚· Erfelijke problemen hebben met fructose/fruitsuiker (zie "Nurofen voor Kinderen
bevat").
ï‚· Een hersenbloeding (cerebrovasculaire bloeding) of een andere actieve bloeding
hebben.
ï‚· Aan bloedstollingsstoornissen lijden. Ibuprofen kan de bloedingstijd verlengen.
ï‚· Onopgehelderde stoornissen van de bloedaanmaak.
ï‚· Ernstige gedehydrateerd zijn (door braken, diarrhee of door te weinig drinken).
Niet innemen tijdens de laatste 3 maanden van de zwangerschap.